Merci Rudi — Average Belgian Pils blikje, gecentreerd

Putain, miljaar, holy moly. Wat. Een. WK. Iedereen zei kwartfinale, niemand geloofde erin, maar gij deed het.

Van de hemel naar de hel naar Seattle en weer terug. Dat we een Fransman nodig hadden om de Duivels terug te ontketenen, niemand die ervoor had getekend. De gouden generatie loopt ten einde, zeiden we dan maar. Maar u tekende — nee, schreef — zelfverzekerd in uw notitieboekje: “pas encore.” Onderstreep het maar in het Rood: de Duivels hebben de steun van het land in jaren niet meer zo gevoeld.

Eerlijk is eerlijk: het puntje van onze stoel was de afgelopen weken vaak zelfs niet meer in zicht. Uw opstellingen, uw wissels, uw tactieken, niemand die er een bal van begreep. Maar wij zijn België, wij zijn niet gemaakt om begrepen te worden. U heeft de hartslag van dat onbegrijpelijke België sneller doen slaan. Minuut 86 heeft een standbeeld verdiend in ons land, naast dat van u dan. Verbaas u niet als er binnenkort een Rudi'ke in de frituur te vinden is: een pak friet met 2 dikke ballen.

U vergeleek uzelf in een interview met Obelix die in toverdrank viel, maar voor ons draagt de echte tovenaar een rode das. Onze kleinkinderen zullen over u horen, Rudi. 11.000 keer sorry, maar vooral merci.